16 richtlijnen voor een verzorgd manuscript

16 richtlijnen voor een verzorgd manuscript

Met een verzorgd manuscript, een manuscript dat er netjes uitziet, maak je een goede indruk. Houd daarvoor deze richtlijnen aan.Veel schrijvers denken dat het nodig is om hun tekst op te maken alsof het een boek is, voordat ze het naar een uitgever, manuscriptbeoordelaar of vormgever sturen. Maar zover hoef je niet te gaan.

Sterker nog: dat kan heel lastig zijn, met name als je het aanlevert bij een vormgever. De tabs, cursieven, verschillende lettertypes of illustraties die jij er zo nauwgezet in hebt aangebracht, moet hij er namelijk weer uithalen voordat hij met jouw manuscript aan het werk kan. Lever een tekst die voor zetten gaat daarom altijd zo schoon mogelijk aan, dan kan de vormgever bepalen hoe het binnenwerk er uiteindelijk uit komt te zien. Natuurlijk wil je als schrijver wél dat de structuur van je boek en de accenten in de tekst duidelijk zijn.

Houd voor een verzorgd manuscript deze richtlijnen aan:

  1. Kies een leesbaar lettertype: arial, calibri of times new roman, in corps 11. Gebruik alleen deze letter.
  2. Stel bij de opties voor regelafstand de afstand voor en na in op 0 en de regelafstand  op 1,5.
  3. Geef koppen van dezelfde hiërarchie op dezelfde manier aan, begin met vet onderkast, daarna klein kapitaal, cursief onderkast en onderkast.
  4. Spring niet in, ook niet aan het begin van een alinea. Gebruik zo min mogelijk tabs.
  5. Gebruik geen witregel aan het einde van een alinea, maar alleen als er een nieuw onderwerp wordt aangesneden of er bij een nieuw tekstonderdeel.
  6. Begin een nieuw hoofdstuk altijd op een nieuwe pagina.
  7. Plaats citaten tussen enkele aanhalingstekens. Als je binnen een citaat nog eens iets of iemand wilt aanhalen, gebruik dan dubbele aanhalingstekens.
  8. Voeg geen automatisch gegenereerde inhoudsopgave in.
  9. Geef noten aan met vierkante haken [1] en lever de tekst van de noten aan in een apart bestand.
  10. Voorzie illustraties van een duidelijke naam en geef in de tekst aan waar ze moeten komen. Lever ze aan in aparte bestanden, niet als Wordbestand maar in het format waarin ze zijn gemaakt: JPG, Gif of Tif bijvoorbeeld. Voor een goed drukresultaat moet de resolutie minstens 300 dpi zijn.
  11. Zorg ervoor dat je woorden en begrippen consequent op dezelfde manier schrijft.
  12. Houd bij spellingsvraagstukken het Groene Boekje (www.woordenlijst.org) aan en als het woord daarin niet is vermeld De grote van Dale.
  13. Voor de spelling van landen en plaatsnamen: gebruik de Bosatlas.
  14. Sorteer een literatuur- of bronnenlijst alfabetisch op achternaam van de eerstgenoemde auteur.
  15. Organiseer literatuurvermeldingen als volgt:

Boek. Begin met de achternaam van de auteur, daarna de titel cursief, plaats van uitgave, gevolgd door jaar van uitgave.

Hoppenbrouwer, J. en S. Oud, Over de dijk, Amsterdam, 2006.

Artikel. Begin met de achternaam van de auteur, daarna de titel van het artikel tussen enkele aanhalingstekens, in tijdschrifttitel cursief, jaargang, nummer, pagina’s, plaats van uitgave, gevolgd door jaar van uitgave.

Hazelnoot, A., ‘Thema Week van de Poëzie: de eerste liefde’, in: Boekblad, jrg. 5, nr. 6 (p. 2-4), Amsterdam, 2008.

 

Laatste check

En ten slotte: controleer voordat je het instuurt je hele manuscript nog eens met de spellingscontrole, daarmee spoor je de meeste – niet alle, helaas – tik- en spelfouten op.

Een verzorgd manuscript is een goede binnenkomer, besteed dus voordat je het uitprint of wegstuurt aandacht aan de afwerking. Het is even wennen, zeker als je je manuscript voor het eerst op deze manier gaat vormgeven. Maar het heeft echt zijn voordelen om een verzorgde tekst aan te leveren en een kleine troost: als je vaker schrijft zul je merken dat je veel van de richtlijnen vanzelf al gaat toepassen. Dan hoef je uiteindelijk alleen nog maar de laatste puntjes op de i te zetten.

Welke ervaringen heb jij met het vormgeven van manuscripten? Heb jij nog tips voor collega schrijvers? Laat het me weten. Dat mag natuurlijk ook als je nog iets toe te voegen hebt aan dit artikel!

Groet,

 

 

2 januari 2014 | Fictie schrijven


Deze blog is bedoeld om iedereen die schrijft te helpen, dus ken je iemand die er iets aan heeft? Stuur de link gerust door of deel hem via Twitter/Facebook/ LinkedIn. Heb je vragen of opmerkingen naar aanleiding van dit artikel? Drop ze in de replybox hieronder en ik antwoord zo snel mogelijk.

Bel of mail me!

Nieuwsgierig wat RedactieKracht voor je kan doen?

Lees 17 reacties

  • Renske says:

    Hoi Marja,

    Bedankt voor de tips! Zelf ben ik een Non Fictie boek aan het schijven. Ik ben zelf vormgevers en heb de eerste 30 pagina’s al vormgegeven aangezien mijn boek vooral qua fotografie goed over moet komen. Heb je hier toevallig tips voor? Voor het aanleveren van een informatief Non Fictie boek met veel foto’s? Moet ik de tekst bijvoorbeeld ook ‘schoon’ aanleveren?

    Alvast bedankt!

    Gr. Renske

    • Marja Duin says:

      Hoi Renske,
      Wat fijn dat je zelf ook je boek kunt vormgeven. Als je een uitgever wilt zoeken is het wel goed om een indruk te geven van hoe je je boek ziet, dus die dertig pagina’s kun je wel meesturen. Maar belangrijker is dat je je verdiept in de manier waarop de uitgever nieuwe manuscripten willen ontvangen. Bij de een is dat digitaal, bij de ander alleen de eerste vijftig pagina’s, terwijl de derde alles tegelijk wil ontvangen uitgeprint op een A4’tje. Dus er is geen eenduidig antwoord op te geven. Het staat altijd op de website van de uitgever aangegeven. Ik hoop dat dit een antwoord is op je vraag!
      groet, Marja

      • Renske says:

        Bedankt voor de reactie! Ik zal per uitgever goed gaan kijken wat de aanlever specificaties zijn. Verder vroeg ik me af of je nog tips hebt waar of door wie ik mijn manuscript voor de laatste keer kan laten controleren?

      • Marja Duin says:

        Door een redacteur (zoals ik) maar daar hangt natuurlijk een prijskaartje aan. Verder kun je een meelezer zoeken. Daar heb ik deze blog over geschreven.

        Succes met de laatste loodjes!

      • Renske says:

        Hoi Marja,
        Kan ik mijn bestanden naar je mailen zodat je een prijs kan bepalen voor deze laatste controle? Dan kan ik hier even over nadenken. Hoor het graag!
        Gr. Renske

  • Mili says:

    Hans, in antwoord op jouw vraag hoe je een dialoog vormgeeft.
    Over het schrijven van dialogen is recent een boek uitgekomen dat ‘Mosterd voor de maaltijd’ heet en geschreven is door Leonardo Pisano en Marit van Ekelenburg. Je zult versteld staan van de behandelde onderwerpen. Het is mijn handbijbeltje geworden. Voor contactinformatie: mosterdvoordemaaltijd@gmail.com.
    Graag gedaan en succes.

    • Hans Schoenmakers says:

      Beste Mili,

      Bedankt voor je tip. Het was precies, waar ik naar op zoek was. Vooral ook, hoe zo’n dialoog vorm te geven.

      Het komt helemaal goed!

      Hans

  • Hans Schoenmakers says:

    Hoe geef je een dialoog vorm? Ik heb er een aantal boeken op nageslagen, maar kon geen ‘standaard’ ontdekken.

    Soms staat een gesproken tekst midden in de zin. Pas als er een antwoord komt, staat deze een aantal spaties uit de kantlijn. Komt er dan een dialoog, wat zijn de regels. Iedere spreker een nieuwe regel? en zo ja, wanneer schrijf je door?

    Voorbeeld:

    De zuster nam hem hoofdschuddend op, keek naar tante Els en, wijzend op oom Henk, vroeg ze spottend aan haar:
    ‘Is… eh… dat uw man?’
    Tante Els wees met haar duim naar oom Henk en antwoordde verontschuldigend:
    ‘Ik heb geen man. Ik heb een kind.’
    ‘Mevrouw, dan wens ik U veel sterkte’
    Tante Els knikte en zei: ‘Dank u’.
    En nadat de zuster haar glimlachend een knipoog had gegeven, mochten ze bij Daniël op bezoek. Mét Wodan!

    of

    De zuster nam hem hoofdschuddend op, keek naar tante Els en, wijzend op oom Henk, vroeg ze spottend aan haar: ‘Is… eh… dat uw man?’
    Tante Els wees met haar duim naar oom Henk en antwoordde verontschuldigend: ‘Ik heb geen man. Ik heb een kind.’
    ‘Mevrouw, dan wens ik u veel sterkte’ Tante Els knikte en zei: ‘Dank u’.
    En nadat de zuster haar glimlachend een knipoog had gegeven, mochten ze bij Daniël op bezoek. Mét Wodan!

    Of nog anders…

    • Marja Duin says:

      Beste Hans,
      het vormgeven van een dialoog wordt inderdaad op verschillende manieren gedaan. Belangrijk is vooral dat je het binnen een verhaal zoveel mogelijk op dezelfde manier doet. Dat is voor de lezer het duidelijkst.
      De regel is wel dat je een nieuwe spreker op een nieuwe regel begint. Maar soms wil je inderdaad iets tussenvoegen, informatie over de omgeving of de spreker. Zolang dezelfde spreker doorspreekt, kun je die informatie gewoon aansluitend geven. Zelfs ook de spreker weer aansluitend laten spreken. Zolang maar duidelijk is wie er spreekt.
      Komt er een nieuwe spreker, dan begin je op een volgende regel.
      Dat doe je goed in het tweede voorbeeld, maar ik zou Tante Els knikte… op een nieuwe regel beginnen.

      succes!
      groet, Marja

      • Hans Schoenmakers says:

        Hey Marja,

        Ik heb een vorm gevonden, waarin een citaat direct volgt achter degene, die het uitspreekt. Als hij of zij daarna een handeling verricht, dan schrijf ik die gewoon ‘door’. Zodra er een ander, dan degene, die het citaat heeft gedaan, erbij komt, dan gaat die naar de volgende regel.
        Zo krijg je een goed lopend stukje tekst met citaat en handeling van een en dezelfde persoon ‘in elkaar’.
        Alleen als het citaat een belangrijk effect heeft, dan gaat hij naar een ‘aparte’ (volgende) regel. Dat bewuste citaat wordt er als het ware ‘uitgelicht’ en krijgt dan een opmerkzame plek.

        Overigens had ik nog een tip voor een goed manuscript:
        Vermijdt het gebruik van ouderwets Nederlands.
        Woorden als ‘nochthans, weder, echter, toentertijd, desalniettemin.’ houden het leestempo op. Bovendien zal niet iedere lezer dergelijke woorden kunnen plaatsen.

        Ik heb in mijn manuscript 1 1/2 week al die woorden eruit gemikt en vervangen door ‘hedendaags Nederlands’ en het leest een stuk sneller!

        En dan heb ik er nog een: Let vooral op het VEELVULDIG gebruik van ogenschijnlijk doodnormale woorden. Woorden als ‘maar’, ‘toen’, ‘want’. Wanneer je je eerste ‘ruwe verhaallijn’ opzet, dan is dat geen punt. Maar als je gaat proeflezen, let dan op deze ‘stopwoorden’, die je waarschijnlijk zelf dagelijks gebruikt en dus in je manuscript nauwelijks opvallen.

        Wat ik ook heb gedaan is een programmaatje geïnstalleerd, (Babylon), waarbij ik de tekst kan laten voorlezen! Ook heel leerzaam, want je hoort van alles fout gaan, wat op het papier niet te zien is.

        Neem je tijd voor een manuscript en als je denkt klaar te zijn, dan begint het pas.

        beste groet
        Hans

      • Marja Duin says:

        Beste Hans,
        klinkt goed!
        Bedankt voor je waardevolle tips!

        Hartelijke groet,
        Marja

  • Mirjam says:

    Toch fijn om alles even op een rijtje te hebben. Bedankt!

  • Leonardo PISANO says:

    TABS komen uit het scrhijfmachinetijdperk. De tip die ik heb is gebruik te maken van Stijlen. Je kunt dan snel de opmaak van je ms aanpassen aan de eisen van degene aan wie je het opstuurt (lettertype, inspringingen, regelafstand, etc). Zet ze standaard op de instellingen die Marja adviseert, maar doe dat in de Stijl, niet in de tekst van het document zelf.
    Zo kun je TekstAlinea1 maken, TekstNormaal, TekstDialoog. Voor titels kun je gebruik maken van de Titelstijlen. Dan kun je snel en simpel een inhoudsopgave genereren die handig is tijdens het schrijven (navigatie). Verwijder hem voordat je hem opstuurt cf. tip 8.

    Voor non-fictie bieden de stijlen ook handige mogelijkheden. (Ga ik nu off-topic?) Zo heb je vaak geneste opsommingen (bullets en subbullets). Ik heb een stijl Bullet1, Bullet2 en Bullet3, met de juiste opmaak (en bullet) en perfecte uitlijning. Altijd consistent.

  • Eus Wijnhoven says:

    Je tips zijn open deuren, al is het goed ze nog eens op een rijtje te hebben. Tip 4 verbaast me. Zeker in een dialoog, maar ook aan het begin van een nieuwe alinea, maakt die enkele tab het geheel veel beter leesbaar. Ik kan me voorstellen dat enkele pagina’s ook zonder die tab best toegankelijk zijn, maar een manuscript van honderden pagina’s? Bovendien: recentelijk heb ik weer een boekje aangeschaft waar de redacteur zeer slordig met het gebruik van tabs is omgegaan (vaak zijn ze ‘vergeten’ of zelfs geheel niet toegepast; zeer inconsequent gebruik in ieder geval). Mijn (educatieve) auteurs dienen hun manuscripten wel degelijk met bewuste tabs aan te leveren en dat wordt bij de vormgeving automatisch overgenomen (indesign).
    Ook jij de allerbeste wensen, Marja.

    • info@marjaduin.nl says:

      Beste Eus,

      Ik kan me voorstellen dat deze blog voor een routinier als jij inderdaad weinig nieuws bevat, maar toch leuk dat je reageert! Tip 4 is juist ingegeven door de verwarring die er vaak heerst over het wel of niet gebruiken van tabs. Door ze helemaal uit te bannen in de schone kopij, heeft de vormgever het laatste woord. Die mag de tekst zo leesbaar mogelijk op de pagina zetten, de huisstijl van de uitgeverij in acht nemend. Want dat had ik er inderdaad bij kunnen vermelden: uitgeverijen hebben voor het aanleveren van manuscripten vaak hun eigen regels, die worden neergelegd in een auteursinstructie. De richtlijnen in mijn artikel zijn bedoeld voor mensen die (nog) geen uitgeverij hebben of in eigen beheer uitgeven.

      groet, Marja

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *